Roeiers worden gezond oud

Roeien is een ware levenskunst. De sport combineert belangrijke eigenschappen die aansluiten bij een ​​modern en gezond leven. Het gaat hierbij om: kracht, ontspanning, balans, coördinatie, uithoudingsvermogen, teamgeest, competitievreugde en concentratie. De combinatie van het sociale aspect van een teamprestatie, hoge eisen aan coördinatie, fysieke inspanning en het materiaal van de boot met riemen maken de roeisport uniek.

Met roeien train je vooral je hart-long-conditie. Daardoor krijg je een groot uithoudingsvermogen. Je traint meerdere spiergroepen: benen, rug en armen. De beenspieren train je het meest. Roeien is een gezonde en intensieve sport die vanaf de jeugd en daarna tijdens de studie kan worden beoefend. Tot op gevorderde leeftijd kun je de roeisport nog prima blijven beoefenen. De gemiddelde leeftijd van alle leden van Roeivereniging Rijnland in Leidschendam bedraagt 59 jaar. De gemiddelde leeftijd waarop mensen lid worden ligt rond de vijftig. Veel nieuwkomers hebben tijdens hun studietijd geroeid en waren daarna druk met hun gezinsleven. Het sociale en gezonde karakter van de roeisport zijn de belangrijkste beweegredenen om op latere leeftijd weer lid te worden van een roeivereniging.

Wie lang gezond en fit wil blijven kan het best een leven lang blijven sporten. Het lichaam ontwikkelt zich naar gelang de bewegingsactiviteit. De natuur stelt zich er op in om energie efficiënt te gebruiken. Ongebruikte spierbundels worden door het lijf opgeruimd. Het is ‘use it or lose it’. Wie weinig beweegt krijgt vanzelf kleinere spieren en slappere botten. Voldoende lichaamstraining is van belang voor een goede energiebalans en om te zorgen dat het lichaam goed blijft functioneren en zichzelf niet gaat opruimen.

In diverse wetenschappelijke studies is het verband tussen gezondheid, voldoende beweging en sportieve activiteit aangetoond. In Engeland werd onderzoek gedaan onder buschauffeurs en conducteurs. Onder de werknemers van het Londense openbaar vervoer werd onderzocht of ze in de twee voorafgaande jaren hart- en vaatproblemen hadden gehad. Het bleek dat de chauffeurs beduidend vaker geconfronteerd werden met hart- en vaatziekten dan de conducteurs. De conducteurs liepen de hele dag door de dubbeldekker, trap op trap af. De chauffeurs zaten hun hele dienst achter het stuur. Een Engels onderzoek onder deelnemers aan de Boat Race, de prestigieuze jaarlijkse roeiwedstrijd tussen de universiteiten van Oxford en Cambridge, liet vergelijkbare effecten zien voor de roeiers ten opzichte van de gemiddelde bevolking.

De roeisport biedt een georganiseerd wedstrijdprogramma voor zowel jeugd als ouderen. Gerichte en blijvende uitoefening van de roeisport kunnen negatieve gevolgen van veroudering afremmen. De roeisport heeft niet alleen fysieke voordelen. Het verbetert ook de kwaliteit van het leven. Roeiers genieten van sociale contacten, fysieke uitdagingen en gezamenlijke teamervaringen in recreatief- of wedstrijdverband. Dit heeft een positieve invloed op zelfvertrouwen en eigenwaarde. Daarnaast biedt de roeisport tal van positieve ervaringen, zoals genot van de natuur, ervaring van de ‘perfecte’ roeihaal, balans van de boot en cadans in de ploeg.

Presteren op Amerikaans water

2016-11-03_10-29-10_000

Een opvallend verschil in de beleving van de roeisport tussen de Amerikanen en de Nederlanders wordt zichtbaar na bezoek van een willekeurig botenhuis. De centrale ruimte van een Amerikaans botenhuis is een fitnessruimte met veel roeiergometers en fitnessapparaten. De centrale plek van een Nederlands botenhuis wordt gevuld door een bar en gezellige zitjes. In het clubhuis van een Amerikaanse roeivereniging is geen koffie of drank verkrijgbaar. Dat is bij wet verboden naar het schijnt.

Vorige maand waren wij met onze ploeg te gast in het prestigieuze Henderson’s Boathouse van Northeastern University om ons voor te bereiden op de Head of the Charles. Dit is de grootste roeiwedstrijd ter wereld die over twee dagen wordt gehouden.  Maar liefst 820 roeiverenigingen uit binnen- en buitenland zijn vertegenwoordigd in deze wedstrijd over 3 mijl op de rivier in Boston. Om deel te nemen aan de wedstrijd moeten de ploegen voldoen aan strenge prestatiecriteria. Uiteindelijk worden  meer dan 10 duizend roei(st)ers in 2.256 ploegen toegelaten voor deelname aan de wedstrijd.

De dagen voor het wedstrijdweekend draait alles rond de rivier om de roeisport. Twee dagen lang rijden botenwagens af en aan om de boten af te leveren. In een strook van een kilometer vanaf de finish worden de boten opgestapeld in stellingen. Via een groot aantal extra vlotten langs de wal kunnen de boten snel het water op. Een groot terrein is gevuld met stands waar bootmerken, materiaal en kleding wordt aangeprezen. Er is ook een verkooppunt voor donuts, hamburgers en koffie. Maar verder draait alles om het sportieve karakter van het evenement. Een biertent en een dweilband tref je er niet aan.

Een dag voor de wedstrijd worden de boten in gereedheid gebracht. De ploegen gaan het water op om de baan te verkennen. In file varen ze onder strakke begeleiding van officials in motorbootjes naar de start en varen aan de overzijde van de rivier weer terug. Op het botenterrein staat ook een groot aantal tenten met roeiergometers. Met hele ploegen tegelijk wordt er warm gedraaid op de zoemende apparaten. In een reusachtige tent van de organisatie staan ploegen in de rij om hun rugnummers en boegnummers op te halen. Dat kan niet eerder dan nadat iedere roei(st)er een verklaring heeft ingevuld en ondertekend. Zij moeten individueel verklaren zelf de verantwoordelijk te zijn voor de gevolgen van eventuele ongelukken.

Op de wedstrijddagen loopt alles op rolletjes. Vanaf half negen in de ochtend passeren de eerste ploegen de finish. Onder de eerste finishers is ook een roeister van onze vereniging. Zij zal het skiffveld in haar leeftijdsklasse winnen. Wij eindigen uiteindelijk in de middenmoot van ons veld van roeiploegen die gemiddeld 10 tot 20 jaar jonger dan wij zijn. Wij zijn tevreden over onze race en onze stuurvrouw heeft strak gestuurd. Die middag bekijken we vanaf het terras bij Harvard naar een spannende strijd tussen de universiteitsteams. Nu zien we ook hoe belangrijk het sturen in de bochten is. Onder de brug zien we de nodige aanvaringen omdat de opgelopen ploegen niet tijdig ruimte geven.

Een blik op de deelnemerslijst leert dat in veel universiteitsploegen buitenlandse roeiers zitten. Toptalenten worden naar Amerika gelokt met een prestigieuze studiebeurs. Recruiters van Amerikaanse universiteiten speuren naar buitenlands talent. De hoofdcoach van Northeastern University vertelde ons dat hij goede zaken had gedaan met het aantrekken van talent tijdens het wereldkampioenschap roeien in Rotterdam deze zomer. Afgelopen jaren trokken roeiers uit onze succesvolle nationale juniorenequipe naar Amerikaanse universiteiten. De roeiers leveren dan misschien wat Hollandse gezelligheid in, maar verhuizen wel naar een prestatiegerichte cultuur waar talent wordt gekoesterd. In Amerika worden de roeiers door universiteiten gestimuleerd zowel in hun studie als op het water te presteren.

2016-11-06_20-58-12_000

 

Aantrekkingskracht van de prestatietocht

Wat hebben ze met elkaar gemeen: 42 kilometer rennen, 100 kilometer roeien en 235 kilometer fietsen? Je laat je overhalen er aan mee te doen. Daarna krijg je spijt en zie je er tegen op. Uiteindelijk sleept het team en een enthousiaste menigte je er door heen. Na de finish ben je voldaan over de geleverde prestatie, maar je neemt je voor dit nooit meer te herhalen. Het jaar daarop sta je waarschijnlijk toch weer aan de start.

New York Marathon

Zo schreef ik mij ooit in voor een groepsreis voor de New York Marathon. Nadat je hebt geboekt, kun je niet meer terug. Maandenlang moet je minstens 50 kilometer per week trainen om de marathon goed te volbrengen. Het is een dagelijkse looproutine die je moet volhouden tot een week voor de wedstrijd. In de stad New York draait die week alles om de marathon. Je trekt op met lotgenoten die elkaar steunen en je behoeden voor een te onstuimige start. Je loopt door de wijken Staten Island, Brooklyn, Queens, The Bronx en Manhattan. Het publiek stroomt massaal toe om de lopers fanatiek aan te moedigen: “You’re looking great”. Je wordt voortgestuwd door de menigte en medelopers. In minder dan drie uur passeerde ik moe maar voldaan de finish.

Ringvaart-regatta

Voor roeiers die gewend zijn hun wedstrijden over 2 kilometer te varen is de Ringvaartregatta een beproeving. Er moet 100 kilometer non-stop worden geroeid, waarbij slechts wordt gepauzeerd bij de sluis van Leidschendam. Daar wordt de boot overgedragen en begint de 12 kilometer lange eindsprint naar het botenhuis van de Delftse studentenroeivereniging Laga. Bij de sluis verzamelen zich ook de schare supporters die de ploeg van hun vereniging aanmoedigen bij de finale krachtsinspanning: “Allez Rijnland.” De roeiers hebben daarvoor al een paar keer een inzinking moeten overwinnen, maar slepen elkaar er doorheen. De pijn aan het zitvlak en blaren aan de handen zijn onaangename bijkomstigheden. Na acht uur roeien stappen roeiers met kromme rug en volledig verstijfd uit de boot.

fietselfstedentocht-21

Op tweede Pinksterdag reed ik met een groep collega’s de Fietselfstedentocht. We hadden daarvoor korte ritjes van gemiddeld 50 kilometer gefietst. De voorbereiding was dus niet optimaal, maar de dag zelf was een ware belevenis. Ondanks het koude weer was half Friesland uitgelopen om de fietsers aan te moedigen: “Heey”. Kinderen stonden klaar voor een high five met de passerende fietsers. Het fietsen is opgedeeld in etappes van stempelpost naar stempelpost. Daar kun je wandelend bijkomen en genieten van een appel, soep of melk die wordt uitgereikt. Tijdens het fietsen kun je makkelijker meekomen door aan te sluiten in een groep. Net als je denkt dat je het makkelijk kunt uitrijden krijg je te maken met forse tegenwind op de dijk langs het IJsselmeer bij Stavoren. De tocht is eigenlijk 50 kilometer te lang, maar dat ben je na elf uur fietsen, ontvangst van het kruisje en een paar biertjes in de finishtent alweer vergeten.

Individueel had ik de prestaties waarschijnlijk niet op kunnen brengen. In groepsverband gaat dat veel makkelijker. Collectieve sportbeleving is de aantrekkingskracht van prestatietochten. Iedereen heeft hetzelfde doel: het halen van de eindstreep. Als je de tocht volbrengt boek je een overwinning op jezelf, maar die wordt collectief behaald. Mensen hebben tijdens de tocht ook een zorgplicht naar elkaar. In die zin is de prestatietocht een sociaal bindmiddel bij uitstek.

Geen geluk zonder pijn

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Hard en lang maar rustig, zo moest de eerste slag worden gemaakt. Daarna twee halen op driekwart van de lengte, om op tempo te raken. Dan weer een hele, gevolgd door twintig extra harde halen en tegen die tijd hoorde je in de race te zitten, je eigen race, je liet de opbouw niet door anderen bepalen. ‘Ogen in de boot. Niet voortdurend naar de tegenstander kijken. Beheersing. Discipline. Aan de eigen planning denken.’

Dat zijn de wedstrijdinstructies van de roeicoach in het boek ‘Over het water’ van Jan Maarten van den Brink. De eerste starthalen kun je eindeloos oefenen en op commando uitvoeren, daarna moeten de roeiers het zelf doen. De roeiers moeten in hun race de juiste balans vinden tussen twee extremen: lafheid en overmoed. Als de roeiers te voorzichtig aan de race beginnen dan kunnen ze de aansluiting verliezen. Door een overmoedige start gaan de spieren eerder verzuren, waardoor de roeiers de hardheid van de halen minder lang kunnen volhouden. Uiteindelijk streven wedstrijdroeiers één doel na: het hoogste goed ofwel de overwinning. Volgens Aristoteles kan dat geluk worden bereikt onder de voorwaarden dat het door anderen wordt erkend en het zoveel mogelijk plezier en zo min mogelijk pijn brengt.

Winnen is het hoogste doel in de roeisport, maar wat gebeurt er in de race als de overwinning nabij lijkt en de tegenstand roeit voorbij? Roeiers die hun tegenstanders inhalen krijgen vleugels, terwijl de roeiers die worden ingelopen lijken te verlammen. Psycholoog Ruud den Hartigh promoveerde op de psychologie achter sportprestaties en de rol van momentum in de sport. Hoe komen sporters in een positieve of negatieve spiraal? Hij liet roeiteams op de roeiergometer deelnemen aan een gesimuleerde wedstrijd, waarbij de roeiers hun onderlinge posities konden zien op het scherm. Den Hartigh constateerde dat roeiers die het gevoel hebben dat de winst dichterbij komt, of juist verder weg raakt, verschillend reageren. ‘Vooral een negatief momentum, waarbij een voorsprong uit handen wordt gegeven, heeft veel effect’ beweert Den Hartigh ‘Sporters proberen in eerste instantie een tandje bij te zetten als ze worden ingehaald, maar we zagen in onze metingen dat hun kracht vrij snel afnam, hun coördinatie en vooral ook hun geloof in de winst.’

Het onderzoek van Den Hartigh bewijst het gelijk van de roeicoach: je vaart je eigen race, die je niet door anderen laat bepalen. Je gaat uit van eigen kracht om het potentieel dat in je zit volledig te benutten. Dat vergt oefening en training om grenzen te verleggen en de pijn bij zware inspanning te leren verdragen. Daarbij moeten de roeiers hecht samenwerken met hun teamgenoten. Het gaat om de juiste balans, de perfecte cadans waarbij de roeiers hun eigen ego ondergeschikt moeten maken aan het gezamenlijk doel: het winnen van de wedstrijd.

Geen beweging zonder moeite. Geen geluk zonder pijn erbij, die je kunt voelen, aan kunt wijzen, bij zijn spartelende staart kunt grijpen terwijl het gemakkelijker zou zijn geen moeite te doen en hem weg te laten glippen. (Uit : ‘Over het water’ van Jan Maarten van den Brink)

Sporthelden van weleer

224_roeien 620x380

Waar zijn ze gebleven, die sporthelden van toen? Eens in de vijf jaar ontmoeten zij elkaar tijdens het lustrum van hun roeivereniging: de Olympiërs, Varsity winnaars, WK-gangers, fanatieke roeiers en coaches. Zij delen de herinneringen van hun heroïsche gevechten in een roeiboot op de Amstel, de Bosbaan, in Tokyo, Mexico en elders. De meesten zijn nog steeds actief in de roeisport. Zij coachen roeiploegen of roeien zelf wedstrijden. In hun leeftijdsklassen strijden zij tegen elkaar op lange afstandswedstrijden en op de korte baan.

In mijn studietijd heb ik vijf jaar wedstrijd geroeid. Je start traditioneel in een eerstejaars acht. Pas in het tweede jaar leer je een beetje roeien. Toen kwamen bij ons ook de eerste overwinningen. In het derde jaar braken wij door in de vier zonder en werden uitgezonden naar de studentenkampioenschappen in Milaan. In mijn vierde jaar werd onze trainingsintensiteit opgevoerd naar 9 trainingen per week. We bleven met twee roeiers over en roeiden ons in de nationale selectie.

Na mijn studie werd ik automatisch oud-lid van de studentenroeivereniging. Mijn roeicarrière leek definitief voorbij. Mijn sportverslaving bleef. Die bevredigde ik met hardlopen en wielrennen. Tien jaar lang had ik geen riem aangeraakt, toen ik werd gevraagd voor de bedrijfsacht. En twintig jaar later werd ik weer lid van een roeivereniging. Pas toen werd ik me er van bewust dat er nog een roeileven mogelijk is na de studietijd. Ik roei nu gemiddeld drie keer per week met veel plezier en neem deel aan veteranenwedstrijden.

De roeisport kun je op gevorderde leeftijd nog prima beoefenen. Twee derde van alle actieve roeiers in Nederland is ouder dan 27 jaar. Vanaf het dertigste levensjaar verminderen de prestaties met gemiddeld één procent per jaar. Kracht, herstel en uithoudingsvermogen nemen af. Maar door gerichte training kun je dit proces vertragen. Om de afname van de spierkracht te beperken moet je op hoge snelheid trainen. Naast de gebruikelijke duurtrainingen moet een veteranenroeier ook de fitnessschool bezoeken en regelmatig korte snelle intervallen roeien.

Na de lustrumborrel breng ik één van de oude sporthelden naar huis. Vol trots vertelt hij over zijn deelname aan de Olympische Spelen in Rome. Op 21-jarige leeftijd maakte hij zijn debuut op de Spelen van 1960. In de voorwedstrijd werd hij tweede en ook in de herkansing eindigde hij op de tweede plaats. Hij roeide daarna nog vele jaren in zijn eigen skiff op de Vliet. Maar op 71-jarige leeftijd was het roeien in de eenmansboot niet langer verantwoord. In Rome haalde hij geen medaille, maar hij hield er wel een onvergetelijke herinnering aan over.

Sociale media versterken sportbeleving

slide4

Sociale media kenmerken zich door een hoge mate van interactie. Zij stellen ons in staat op ieder moment te communiceren met gelijkgestemden. Door het gebruik van de smartphone kunnen wij makkelijk actuele informatie, locatiegegevens, foto’s en filmpjes uitwisselen. Voor sporters biedt dit veel gemak. Zij kunnen eenvoudig met elkaar afspreken en trainingsresultaten uitwisselen. Maar ook de sportverenigingen kunnen de kracht van sociale media benutten voor het versterken van de clubbinding, vergroten van hun bereik en het promoten van de sport. Deze kansen laten de verenigingen nu nog veelal onbenut.

Het Mulier Instituut publiceerde dit jaar een onderzoeksrapport over het gebruik van sociale media door sporters. De conclusies van het rapport zijn onder meer dat sporters bovengemiddeld sociale mediagebruikers zijn en dat sociale media stimulerend werken om te gaan sporten. Meer dan de helft van alle jongeren gebruikt Facebook mede in relatie tot sport. Zij gebruiken sociale media onder andere om af te spreken om te gaan sporten. Een kwart van alle jongeren zegt door berichten op sociale media meer te zijn gaan sporten. Veertig procent gebruikt sociale media om met de sportclub te communiceren. Jongeren vinden wel dat de sportclub meer gebruik zou kunnen maken van sociale media.

De meeste sporters zijn permanent online. Zij communiceren interactief over actuele sportprestaties. Sportbonden en -clubs blijven daar ver bij achter. Veel sportclubs communiceren nog steeds via clubblaadjes die per post worden verstuurd. Zo viel vijfendertig jaar lang elke maand het blad Roeien in mijn brievenbus. Het blad is populair onder oudere wedstrijdroeiers. De doelgroep van maandblad Roeien is te beperkt om te kunnen overleven. Na 74 jaar valt het doek voor het fraaie bondsblad. De Roeibond zet nu in op sociale media om nieuwe doelgroepen aan te spreken. Dat is noodzakelijk om jongeren te bereiken en het roeien als breedtesport te promoten.

De Roeibond en hoofdsponsor Aegon hebben het initiatief genomen om mensen via een Roeigame en een App enthousiast te maken voor de roeisport. Sportschoolbezoekers krijgen daardoor aanvullend een nagebootste wedstrijdbeleving bij het roeien op de roeiapparaten. Via een groot scherm krijgen zij real time virtuele beelden van zichzelf te zien op de Theems, de Bosbaan of de Keizersgracht. Het is mogelijk om in de sportschool wedstrijden tegen elkaar te roeien en vervolgens tijden via de App te vergelijken met indoor-roeiers in andere sportscholen. Ook bezitters van een roeiapparaat thuis kunnen ook meedoen met deze ‘Aegon Rowing Challenge’. Via het indoor-roeien in een sportschool kan daarna de overstap worden gemaakt naar het roeien bij een roeivereniging. Zo komt Roel Braas, de beste Nederlandse roeier in de eenmansboot, uit het indoor-roeien.

Sociale media zijn inmiddels volledig doorgedrongen in de samenleving. Voor sportverenigingen biedt dit kansen de sport te promoten en leden te werven. Vrijwel alle jongeren zijn actief op sociale media. Door de cultuur van het ‘liken’ en het delen wordt een oproep voor een gezonde leefstijl door te gaan sporten snel verspreid. De Roeibond heeft daarvoor een eerste stap in de goede richting gezet.

Schone of gezonde sport?

H28_1152

In de sport heb ik nooit gebruikt. Sterker nog: ik vergat vaak te eten en te drinken. Meer dan eens ben ik geveld door een hongerklop. De kracht vloeide dan uit mijn benen en het werd mij zwart voor de ogen.

Zo ook in de zomer van 1991. In de Franse Alpen fiets ik zonder problemen over de col d’Allos en de col des Champs. Maar in de beklimming van de col de la Cayolle val ik uitgeput van mijn fiets. Als ik weer opstap kom nauwelijks meer vooruit. Ik moet uitkijken niet om te vallen, maar probeer de druk op de pedalen te houden. Ik verlang naar taart, marsen en ander zoet voedsel. In de verte zie ik een huis en even later zie ik ook een groep wielrenners op het terras zitten. Ik stap af en bij binnenkomst van het café gaat mijn wens in vervulling: een tafel vol met taarten lacht mij toe. Van alle taarten bestel ik een stuk.

De serveerster kijkt mij verbaasd aan als zij mij een blad vol met stukken taart en een fles water brengt: “Ou sont les autres?” Nu mengen ook de wielrenners zich in het gesprek: Pas om tien uur vanochtend aan de tocht begonnen? Wij zijn vanochtend om zeven uur vetrokken vanuit Barcelonette. Geen krachtvoer meegenomen? Alleen een stokbroodje ham gegeten en maar één bidon meegenomen? Vol verbazing horen zij het verslag van mijn tocht aan en uit medelijden staan zij hun krachtrepen aan mij af. Wat is dat toch met die Nederlanders? Waarom heeft de hele PDM ploeg met Breukink vorige maand eigenlijk de Tour verlaten? Ik denk te hebben gelezen dat de PDM ploeg is geveld door een voedselvergiftiging na het eten van bedorven kip. Daar moeten de mannen hartelijk om lachen. Dat geloof ik toch zelf niet? Hier is doping in het spel!

Het gebruik van doping door topsporters kun je niet los zien van hun sociale context. De omgeving waarin een topsporter zich bevindt en mate waarin die zich daaraan conformeert is bepalend voor dopinggebruik. Wielrenners gebruiken doping omdat zij weten dat collega’s doping gebruiken. Het is bedriegen of bedrogen worden.

De Roeibond verlangt van mij jaarlijks een Schone Sportverklaring. Die verklaring teken ik blind in de overtuiging dat mijn tegenstanders ook niet gedrogeerd de wedstrijden roeien. Wij bekommeren ons niet om doping, maar om de gezondheid van onze collega’s. Van masters A tot en met H willen wij graag tegen elkaar wedstrijden blijven roeien. Veteranen roeien is geen schone maar een gezonde sport.