Internet verenigt nazaten stamvader

familie JHG Boissevain

Lucas Bouyssavy is stamvader van de familie Boissevain. Hij vlucht in 1687 vanwege geloofsovertuiging op 25-jarige leeftijd uit zijn vaderland Frankrijk. Zijn familie en bezittingen heeft hij achtergelaten. Na drie jaar gevaarlijke omzwervingen vestigt hij zich in 1691 in Amsterdam. Meer dan drie eeuwen later telt het aantal nazaten van de Lucas meer dan 1.000 familieleden met de naam Boissevain over de hele wereld.

Vlucht naar Nederland
Lucas verkoopt op jonge leeftijd zijn voorvaderlijk erfgoed en maakt voor zijn vertrek uit Frankrijk zijn testament op. Als vluchteling is hij volledig berooid, maar met veel medeleven en steun van zijn kerk en de tolerante Nederlandse bevolking bouwt hij een nieuw bestaan op. Behalve de tekst van zijn testament is weinig bekend over Lucas en zijn Franse voorouders. Onderzoeken naar zijn herkomst en voorouders in archieven bij kerk en burgerlijke stand hebben tot nu toe weinig resultaat opgeleverd. Van de twee kinderen van Lucas en zijn vrouw Marthe is evenmin weinig bekend.

Sociale stijging en emigratie
In de navolgende generaties ontworstelt de familie zich uit de armoede. Zij houden zich vooral bezig met handel en scheepvaart. Daarnaast vervullen verschillende leden van de familie belangrijke posities op uiteenlopend gebied, bijvoorbeeld functies in de Waalse gemeente, in de Gemeenteraad, in de Tweede Kamer en in de Rechtbank van Koophandel. De sociale stijging van de familie zet door in de negentiende eeuw. Getuige de dagboeken, brieven en reisverslagen hebben de Boissevains een rijk sociaal leven in en rond Amsterdam. In de loop van de generaties spreidt de familie zich verder uit over de rest van Nederland en Europa. Daarna verspreidt de familie zich over het Noord-Amerikaanse continent. Ook in het voormalig Nederlands-Indië is de familie in prominente posities aanwezig.

Herinneringen levend houden
Om de familieband te versterken en de historie van de familie te behouden wordt in 1934 een familieverband opgericht. Deze gaat in 1967 op in een familie Stichting. De familiestamboom wordt in kaart gebracht en een centraal familiearchief opgebouwd. Jaarlijks wordt een bulletin uitgegeven met familienieuws en eens in de vijf jaar wordt een familiereünie georganiseerd. In 2005 heeft het Amsterdams gemeente archief de inventaris van de familie geïnventariseerd. Het familiearchief beslaat circa 25 meter planklengte correspondentie, documenten en foto’s. De inventaris van het archief en later ook de gedigitaliseerde documenten worden door het Gemeentearchief op internet gepubliceerd en intensief geraadpleegd. Het online archief wordt gebruikt voor educatieve doeleinden (bijv. om het leven in de negentiende eeuw te illustreren) en wordt ook veelvuldig geraadpleegd voor het schrijven van scripties en onderzoek.

Familiegeschiedenis op internet
Vanaf het begin van deze eeuw is de familie actief op internet met een eigen website. In 2008 wordt de stamboom middels Genealogie Online op internet gepubliceerd. Het aantal bezoeken en informatieverzoeken neemt daarna snel toe. Mensen op zoek naar het verleden van de familie en aanverwante families raadplegen de stamboom. Door internetcontacten komt de familie meer te weten over de herkomst uit Frankrijk en voorouders uit de zestiende eeuw. Internet betekent veel voor de familie bij haar speurtocht naar het gezamenlijke verleden. Dit is ook wat de familie samenbrengt tijdens de familiereünies. Enthousiast gemaakt door informatie en aankondigingen op internet ontmoeten familieleden uit alle windstreken elkaar in Amsterdam. Generaties met een gezamenlijke stamvader genieten van een rondvaart door de grachten en bekijken de grachtenpanden waar een rijke familiegeschiedenis schuil gaat.

Familiecontacten via sociale media
Vanaf 2008 wordt actief gebruik gemaakt van sociale media om de familiebanden te onderhouden. Familiegroepen zijn gevormd en nieuwe familiecontacten gelegd. Lucas Bouyssavy moest bij zijn vlucht uit Frankrijk familie, huis en vaderland achter zich laten. De huidige generatie behoudt onafhankelijk van woonplaats en tijd contact en breidt haar netwerk uit. Stamvader Lucas zou er van hebben opgekeken.

Niets is ooit geheel voorbij

theeplantage

 

Hella Haasse lezen is meegevoerd worden in een tijdmachine. Je wordt meegenomen naar een andere wereld, een andere tijd en een andere cultuur. Maar bovenal word je ondergedompeld in het levensverhaal van de hoofdpersonen. In ‘Heren van de thee‘ worden Rudolf Kerkhoven en zijn echtgenote Jenny Roosengaarde Bisschop tot leven gewekt. Eind negentiende eeuw vertrekken zij naar een afgelegen theeonderneming in Nederlands Indië. Het levensverhaal van het echtpaar speelt zich af tegen de achtergrond van de mysterieuze Javaanse natuur:

“Er trok een wolk voor de zon, de eerste van de gestaag rijzende wal die later in de middag in een stortbui uiteen zou breken. Dat het op Gamboeng zo vaak en zo hevig zou regenen, had hij niet voorzien. Die regen en de eenzaamheid (hij had nu in bijna drie maanden geen woord Nederlands gehoord of gesproken) waren de schaduwzijden van zijn Eldorado. Hij dacht soms met een vleug zelfspot aan de grenzeloze verrukking die hem had bevangen toen hij voor de eerste maal op de bergkam stond. Nog beleefde hij dergelijke ogenblikken van puur geluk, wanneer na noodweer bij de uitgang van het druipende oerwoud, of ’s ochtends als hij zijn deur opendeed, het grandioze panorama van de Pantjoer, de Patoeha en de Tambagroejoeng zich voor hem ontvouwde, de Gedeh op de achtergrond, in schakeringen van blauw en violet zichtbaar was, terwijl vlakbij de drietoppige Goenoeng Tiloe zich machtig verhief. Hij ervoer telkens weer dat dit landschap – al meende hij het nu beter te kennen omdat hij het in alle richtingen doorkruist had – zich als het ware terugtrok in een niet te doorgronden eigen bestaan. Hij begreep ook waarom voor de mensen die hier woonden elke boom, steen en bergstroom bezield was, een wezen met een naam, een bijzondere macht”

Rudolf staat tegenover het landschap en ervaart de verwijdering ten opzichte van het inheemse gebied en de inlanders die er wonen. Zijn koloniale veroveringsdrang botst met het andere en ongrijpbare voormalig Nederlands Indië. Rudolf wil vooruitgang en zakelijk succes. Zijn vrouw is anders. Zij is geboren in Indië, denkt aan haar jeugd en voelt de duistere krachten van Indië. Heren van de thee is, zoals de meeste romans van Haasse, gebaseerd op een waar gebeurd verhaal. Zij verrichtte daarvoor diepgaand genealogisch-, historisch- en litteratuuronderzoek. Maar verbluffend was haar vermogen zich in te leven in de personages. Dat maakt haar tot één van de beste vaderlandse schrijvers ooit.

Haasse miste het chagrijn en de ijdeltuiterij die haar mannelijke collega’s kenmerkten. Ook wierp ze zich niet op als aanvoerder van de schrijvende elite of als mediapersoonlijkheid. Zij was een sympathieke en geëmancipeerde vrouw. En dus geniet zij niet de heldenstatus die haar generatiegenoten, zoals Harry Mulisch, ten deel zijn gevallen. Het oeuvre dat Hella Haasse nalaat is evenwel magistraal en onovertroffen.

Net zoals mijn vader is Haasse geboren en getogen in het voormalig Nederlands Indië. Haar Indische jeugd heeft haar getekend. Zij voelde zich daarna een vreemde in Nederland. Mijn vader sprak nooit over zijn jeugd. Mijn overgrootvader was resident van de Preanger, de streek van de theeplantage van Rudolf Kerkhoven. Met harde hand probeerde mijn overgrootvader het inheemse verzet te onderdrukken. En evenals Rudolf werd ook hij het slachtoffer van zijn Hollandse rechtlijnige aanpak. De zwarte bladzijden van onze familiegeschiedenis werden helaas voor mij verborgen gehouden. Maar door de boeken van Haasse is die geschiedenis tot leven gewekt. En net zoals haar voorganger Multatuli zal deze geschiedenis altijd levend blijven. Ik ben Haasse dankbaar voor haar prachtige geschriften. Toekomstige generaties zullen ook blijven genieten van haar oeuvre. Het verleden blijft een ontdekkingsreis en inspiratiebron, zoals Haasse schrijft in ‘De tuinen van Bomarzo’:

“Ik weet niet waar het heden ophoudt en het verleden begint. Niets is ooit geheel voorbij. De geschiedenis kan op duizend manieren geschreven en herschreven worden.”

Niets uit de geschiedenis verdwijnt

Herengracht-HG14-tc

“Men moet zijn verleden verzorgen, zoals men ook zijn lichaam verzorgt: het moet regelmatig worden geschrobd, gepoetst, geïnspecteerd, getraind en periodiek onderzocht. Houdt men zich van jongs daaraan, dan bespaart men zich veel dokterskosten voor plotseling uitbrekende kwalen, en de mogelijkheid is groot, dat men op den duur heel veel verleden krijgt.”

Dit schreef Harry Mulisch in Mijn Getijdenboek in 1975. Met het verleden hield ik mij in die tijd nog niet bezig. Ik had mijn middelbare school afgerond en begon mijn studie in Delft. In dezelfde tijd sloot mijn vader zijn carrière bij de EEG – voorloper van de huidige EU – af. Zijn vervroegde uittreding uit het arbeidsproces gaf hem ruimte voor reflectie op zijn leven. Geboren in het voormalig Nederlands Indië leek zijn toekomst te zijn voorbestemd als bestuursambtenaar, net zoals zijn grootvader die resident was van het Javaanse gebied van de Preanger. Tijdens de opkomst van Nazi Duitsland ging hij met zijn familie op verlof naar Nederland. Toen brak de oorlog uit en was terugkeer naar de kolonie niet meer mogelijk. Mijn vader rondde zijn middelbare school af in Den Haag. Hij begon aan de studie Indologie in Leiden, ter voorbereiding op zijn logische carrière als bestuursambtenaar in Nederlands Indië. Toen de Leidse Universiteit in 1941 werd gesloten, voegde hij zich bij het verzet. Hij werd opgepakt door de Duitsers en gevangen gezet in de Scheveningse gevangenis. In 1944 wist hij uit de gevangenis te ontsnappen en vluchtte naar het bevrijde Maastricht. Mijn vader las na zijn uittreding alle delen van Lou de Jong en het Weinreb-rapport. In onze familie werd de oorlogsgeschiedenis verzwegen, maar de familieband werd gekoesterd. Mijn vader verzamelde alle familiemutaties Ik keek toe hoe hij overlijdensadvertenties uitknipte en mutaties met vulpen bijschreef in ons familieboek. Na het overlijden van mijn vader werd ik gevraagd zitting te nemen in onze familiestichting. Dit was voor mij de gelegenheid om mijn vaders werk voort te zetten.

De aantekeningen met pen werden vervangen door gedrukte bulletins en daarna door internetpublicaties. Onze familiestamboom is gepubliceerd in een uitgave van het Nederland’s Patriciaat. Die publicatie werd ingescand en geconverteerd naar het open source stamboomprogramma Alfaer. Dit programma kan de genealogische gegevens exporteren naar een bestand met het standaard gedcom formaat. Na het inlezen van dit bestand in genealogieonline staat de familiestamboom op internet. De stamboom wordt geïndexeerd en grafisch weergegeven in een tijdbalk en een kwartierstaat. Voor iedere persoon wordt een aparte pagina aangemaakt, waarin ook de historische feiten in context worden getoond met de geschiedenis en het weer in die tijd. Genealogieonline brengt genealogen via internet bij elkaar en werkt op basis van waardebepaling achteraf. Met publicatie op internet is de genealogische informatie vrij toegankelijk en kan deze worden gecombineerd met andere informatiebronnen. Genealogieonline is een community waarin informatie wordt gedeeld, vragen worden gesteld en snel en betrouwbaar worden beantwoord.

Wij zijn veel meer te weten gekomen over onze voorouders in de zestiende eeuw in Frankrijk en familiebanden in Nederlands Indië. Uit Nederland geïmmigreerde familieleden vinden informatie over hun herkomst. Half zusters, broers en natuurlijke ouders zijn opgespoord. Foto’s van familieleden, maar ook van familiehuizen (bijv. voor restauratie in originele staat) en gebeurtenissen worden uitgewisseld. De publicatie wordt veelvuldig geraadpleegd voor educatieve doeleinden en voor het schrijven van scripties en proefschriften over het leven in de negentiende eeuw.

Door inzicht in familiegeschiedenis kunnen wij makkelijker een beeld vormen van het verleden. Bovendien levert het ook een beter tijdsbesef en leren we het heden beter begrijpen. De stukjes van de legpuzzel komen nu door internet en crowdsourcing beschikbaar. “En net als in en legpuzzel komt elke keer een stukje op zijn plaats, omdat ieder zijn deel van de werkelijkheid kent. Soms ligt een stukje even verkeerd, als iemand een waarneming verkeerd interpreteert, maar ten slotte is de voorstelling compleet en sluiten alle stukjes aan elkaar. Want alles raakt alles in de wereld. Hierdoor blijft een mens in zijn geschiedenis gevangen: een begin verdwijnt nooit, zelfs niet met het einde.” (uit: de Aanslag van Harry Mulisch)

Het leven wordt achterwaarts begrepen

Francois_Dubois_001

Wij lopen voortdurend achter de feiten aan. Onze wijsheid komt met de jaren en dan ook nog altijd achteraf. Als kind dachten we dat de wereld voor ons open lag. De lessen en waarschuwingen van onze ouders konden niet altijd op ons begrip rekenen. Maar pas als je zelf kinderen krijgt, begrijp je beter waarom je ouders zo handelden en je beschermden. Waarom wist ik dat destijds niet? De vragen over het verleden komen op het moment dat je ouders en grootouders zijn overleden.

Zoeken naar verborgen verleden
Als je meer wilt weten over je afkomst dan kun je op zoek gaan naar de geschiedenis van je familie. Aan de hand van de stamboom kun je de verborgen familiegeschiedenis achterhalen. Vaak levert die zoektocht spannende verhalen op. Maar in wezen is iedereen op zoek naar antwoord op de volgende vragen: wie ben ik, waar kom ik vandaan en wat brengt de toekomst. Met behulp van hedendaagse DNA-technologie kunnen antwoorden worden gegeven over etnische en medische achtergrond. Die gaan verder dan onderzoek naar namen en data in archieven. Maar met de komst van het internet worden juist die data steeds beter ontsloten en vindbaar.

Genealogische Community 
In Nederland zijn duizenden genealogen actief via internet. Deze maand bereikte de website van Genealogie Online een hoogtepunt van 20 miljoen gepubliceerde voorouders. Genealogie Online is een service waarmee stamboomonderzoekers gemakkelijk hun genealogische gegevens en afbeeldingen kunnen publiceren. Het is ook een community waarin informatie wordt gedeeld, vragen worden gesteld en snel en betrouwbaar worden beantwoord. Mijn familiestamboom heb ik ook op internet gepubliceerd. Het Amsterdams Stadsarchief beheert het archief van onze familie. Beide worden veelvuldig geraadpleegd voor educatieve doeleinden en voor het schrijven van scripties en proefschriften over het leven in de negentiende eeuw.

Vlucht uit Frankrijk
Mijn voorouders waren hugenoten. Zij waren van oorsprong Franse calvinisten die in de 17de eeuw hun land ontvluchtten toen de katholieke koningen het protestantisme poogden uit te roeien. Onze familie woonde oorspronkelijk in Zuidwest-Frankrijk. Het oudst bekende familielid was anno 1445 notaris in Périgueux. Een nazaat, Lucas Bouyssavy, vluchtte in 1687 naar Nederland. Op 4 december 1687 maakte Lucas te Bergerac zijn testament op. Na drie jaar van gevaarlijke omzwervingen door het land slaagde hij er, met behulp van protestantse vrienden, in zich heimelijk in te schepen op een zeilschip vol fusten wijn naar Amsterdam. Voordat het schip vertrekt moest hij zich dagen en nachten tussen de tonnen zonder eten verborgen houden. Enkele weken later kwam hij in beklagenswaardige toestand en zonder geld in Amsterdam aan. Daar vestigde hij zich omstreeks 1691 onder de naam Boissevain.

Geen spijt van het verleden
In de eerste bezettingsjaren was het huis van Jan en Mies Boissevain, Corellistraat 6, een centrum van verzet. De zoons Jan Karel ‘Janka’ en Gideon ‘Gi’ fabriceerden in het souterrain brandbommen en wapens. Jan Boissevain werd in 1942 opgepakt wegens handelscontacten met een jood. Hij stierf in 1945 in Buchenwald. Maar de verzetsgeest van de familie bleef ongebroken. De groep rond Jan Karel en Gideon kreeg de naam CS6, naar het huisadres. Bij een overval in 1943 werden Mies Boissevain en haar drie zonen met anderen gearresteerd. Jan Karel, Gideon en hun neef Louis Boissevain en de andere CS6-leden werden op 1 oktober 1943 gefusilleerd. Op de muur van hun gevangeniscel werd na de oorlog de wapenspreuk van de Boissevains aangetroffen: Ni regret du passé, ni peur de l’avenir.

Het leven wordt voorwaarts geleefd
Door inzicht in familiegeschiedenis kunnen wij makkelijker een beeld vormen van ons verleden. De stukjes van de legpuzzel komen door nieuwe technologie, internet en crowdsourcing beschikbaar. Onze geschiedenis levert ook een beter tijdsbesef en leert ons het heden beter begrijpen. Studie van je familiegeschiedenis sterkt je in de overtuiging dat je zonder kennis van het eigen verleden ook geen zicht hebt op je eigen toekomst. Het is zoals de Deense negentiende-eeuwse filosoof Sören Kierkegaard zei: ‘Het leven wordt voorwaarts geleefd, maar achterwaarts begrepen.’